Visit Us On FacebookVisit Us On TwitterVisit Us On Instagram

100 dagen leven op schuldsaneringsniveau

Halverwege

Halverwege

Morgen is het zover. Dan zitten we op de helft, halverwege. Jippie. NOT!

Want ik ben pas halverwege. Dat betekent dat we nog steeds de andere helft moeten. Nog een keer 50 dagen. Ik had verwacht dat ik wat blijer zou zijn, maar ik word alleen maar verdrietig van nog 50 dagen.

Ik ga het wel volhouden, daar niet van. Maar zo werkt het met armoede natuurlijk niet. Daar is het standje overleven en leven van dag tot dag. Ik leef nu naar dag 100 toe. Dat is te overzien. Als het met mij op de korte termijn al zoveel doet, hoe moet dat dan als je er 3 jaar in zit. “Probeer dat anders eens Maaik?” zei iemand. Of een jaar. Nee, dank je. Ik zou willen dat ik het zou kunnen en als het moet dan lukt het, maar een jaar of drie. Nee, dat wordt hem niet.

Het gaat best goed, afgelopen week was de eerste week dat we zonder geld zaten en mijn stressreactie viel me mee. Uiteindelijk kan je er niks aan doen. Alleen ben ik blij dat er geen rekening op de mat is gevallen. Want dan had ik weer sip op de bank gezeten. Of ruzie thuis gehad. Want dat geeft geldstress, ruzie. En naast ruzie ook onmacht, frustratie en boosheid.

“Wat mis je het meest?” is een van de meest gestelde vragen. Shoppen, buiten de deur eten, autorijden? Nee, dat mis ik allemaal niet echt. Ik mis het wel, maar besef me dat dat dingen zijn die niet belangrijk zijn. Doet er niet echt toe.

Ik mis het gemak. Het gemak nergens over na te denken, niet te hoeven stressen om geld, niet elk dubbeltje om te draaien. Ik mis mijn energie, mijn vrolijke, zorgeloze kant. Het zijn de kleine dingen, een kaartje sturen, een ijsje eten, bloemen kopen. Allemaal onzinnige dingen die ik niet hoef te hebben.

Toch komt er iets moois uit voort, een stukje bewustwording. En dat krijg ik vaak terug van mensen die met me meelezen. Bewust hoe goed we het hebben, bewust van wat een geluk ik heb dat ik een dak boven mijn hoofd heb, 2 gezonde kinderen heb en mijn rekeningen kan betalen. En wat een geluk dat ik zo een stabiel netwerk heb. Want man o man, wat heb ik een geluk met mijn lieve vrienden, collega’s en familie, die me steunen als ik het moeilijk heb en mij stiekem af en toe wat toeschuiven.

Ik vergeet nog iemand. Mijn steun en toeverlaat, mijn eigen vent. Die met mij meedoet, dit hier absoluut geen zin in had, maar die zag hoe belangrijk het voor mij was, dus ja zei. Daar heeft hij inmiddels vast spijt van.

En dan valt het kwartje, we zijn halverwege. Nog maar 50 dagen. Samen kunnen we dit. Samen is tenslotte niet alleen.